Het eerste uur van het optreden gaan er redelijk wat hoofden lekker groovy (en een enkele keer licht headbangend) op en neer, ten teken dat het oké is wat deze nog altijd iets te vaak peetvader van de stonerrock genoemde Goss met zijn bandleden voorschotelt. Een derde deel van de nieuwe plaat wordt gespeeld, maar het meeste succes hebben toch de wat oudere songs, die zeker niet alleen aan de woestijnrock of zijn producties van Kyuss of The Queens Of The Stone Age doen denken. In het nieuwere werk is meer ruimte voor toetsen en sfeer, maar de klassiekers van het naamloze debuutalbum van twintig jaar geleden, de twee tracks van Deep In The Hole uit 1999, maar vooral de ruim vertegenwoordigde songs van de tweede, in 1992 met drummer Ginger Baker van Cream opgenomen cd Sunrise On The Sufferbus, springen er toch ruim bovenuit.

Het met een dampende bas gespeelde monotoon van ritme zijnde Rabbit One vormt uiteindelijk het absolute hoogtepunt van een helaas erg wisselende show. Dat wat zweverige nummer (met de woorden ‘I wish I was a bird, birds can fly’) bezit wel precies de juiste hoeveelheid psychedelica en vuur, die we de rest van het optreden maar mondjesmaat aantreffen. In dat nummer laat de vorige maand 50 geworden Goss tevens horen een waanzinnig goede sologitarist te zijn, die baat heeft bij een band die hem strak ondersteunt. Ook de donkerbruine vocalen van deze nog altijd imposante bonk van een persoonlijkheid zijn dik voldoende. Toch gaat het na ongeveer een uur faliekant mis.

King Richard, The Lion Hearted klinkt ronduit rampzalig. Het nummer lijkt wel niet gerepeteerd. Of horen ze elkaar niet meer op het podium, staat ineens alles vals, is het tempo te snel of is de geluidsman plots te stoned? Het derde halfuur in Tilburg klinkt nergens naar, de bandleden krijgen het vuurtje niet meer aangestoken, steeds meer mensen verlaten de zaal en het groovende laag van die bassist in zijn T-shirt van Bob Marley is ook al helemaal weg. De song John Brown (van het debuut) is op zich een geweldig nummer, maar niet in deze versie in 013. Het is dat de band uiteindelijk besluit nog één keer echt te gaan rocken (in She Got Me (When She Got Her Dress On) van opnieuw Sunrise On The Sufferbus, met een heel lang uitgesponnen intro én wel weer een knap solerende Goss), want daardoor gaat de show niet helemaal als een nachtkaars uit. De heren dwingen er zelfs een toegift mee af.

Ondanks het feit dat ook de geluidsman uit zijn winterslaap lijkt herrezen, is dat eigenlijk iets te veel van het goede voor deze erg wisselvallige show. Goss kan beter, véél beter. Aandoenlijk is het wel dat hij na de show een voor een de op het podium geworpen demo’s opraapt. Ja, ook in Tilburg en omgeving lopen veel bandjes rond die een moord zouden doen om Goss als producer voor hun bandje te kunnen strikken. Gelijk hebben ze, want een beer van een producer blijft het. Al mag de man zelf op zoek naar een betere mixer voor de volgende shows. WILLEM JONGENEELEN
Gezien: MASTERS OF REALITY, 013, TILBURG (2 OKTOBER)
Nog te zien: 3 oktober in De Lantaarn in Hellendoorn, 11 oktober in De Vooruit in Gent (B)
Foto’s: WILLEM JONGENEELEN (KLEUR) + MARCO SMEETS (ZWART-WIT)
Setlist: Absinthe Jim And Me Dreamtime Stomp VHV 3rd Man On The Moon Worm In The Silk Doraldina Up In It Rabbit One 100 Years King Richard Highnoon Amsterdam John Brown She Got Me
Blue Garden |